Toelichting jaarverslag 2016

Woningcorporaties moeten hun woningen vanaf 2016 waarderen op marktwaarde in verhuurde staat. Haag Wonen heeft dus haar woningen in het jaarverslag 2016 op een andere manier gewaardeerd, met een andere uitkomst.

Wat is marktwaarde?

Eigenlijk is de marktwaarde de prijs die een pand zou kunnen opbrengen bij verkoop. Het gaat bij woningcorporaties om de marktwaarde in verhuurde staat, aangezien onze woningen en panden in principe doorlopend verhuurd zijn. Deze waarde ligt lager dan de marktwaarde van een pand dat leeg staat.
Voor Haag Wonen komt deze marktwaarde in verhuurde staat op € 2,2 miljard.

Dat is een bedrag dat Haag Wonen nooit zal realiseren, omdat wij onze voorraad sociale woningen juist beschikbaar moeten en willen houden. Onze missie is immers om mensen die moeilijk zelfstandig een thuis kunnen realiseren, te helpen aan een betaalbare en passende woning. Woningen waar we zuinig op zijn.
Ook marktwaarde in verhuurde staat is relatief

Haag Wonen verhuurt haar woningen tegen gemiddeld 81% van de ‘maximaal redelijke huur’ in plaats van de markthuur. Zo houden we de woningen betaalbaar voor onze huurders. Wanneer we uitgaan van het beschikbaar houden van onze woningen en een huur van gemiddeld 81% van de maximaal redelijke huur, daalt de waarde van onze woningen naar € 1.555.676.000. 

Deze waarde wordt wel de marktwaarde in verhuurde staat met volkshuisvestelijke bestemming genoemd.

grafiek-toeljv.jpg

Met marktwaarde wordt meerwaarde duidelijker

Voor 2016 waardeerden we onze woningen door het berekenen van de bedrijfswaarde. De bedrijfswaarde van onze woningen is € 925 miljoen. Een flink verschil dus met de € 2,2 miljard die de marktwaarde in verhuurde staat noteert.

De marktwaarde in verhuurde staat benadert de manier waarop commerciële partijen hun vastgoedportefeuille waarderen. Vergelijking van de marktwaarde en de bedrijfswaarde biedt inzicht in de financiële bijdrage van Haag Wonen aan onze maatschappelijke doelstelling; het laat zien hoeveel geld we bewust laten liggen. 

De marktwaarde in verhuurde staat maakt ons dus niet rijker. De woningen worden immers niet massaal verkocht. En van een baksteen kan je geen rekening betalen. Een vergelijking tussen corporaties en commerciële partijen – die wel het financieel maximaal haalbare kunnen nastreven – gaat dus mank.